Lang weekend in Porto
Eind mei bracht ik een lang weekend door in Porto, Portugal. Een stad die me verraste met haar schilderachtige straatjes, historische gebouwen, indrukwekkende uitzichten over de Douro en natuurlijk: port. Vier dagen lang zwierf ik door wijken, proefde lokale lekkernijen en liet me onderdompelen in de rijke sfeer van deze Noord-Portugese stad.
Aankomst en eerste indruk
Na een soepele vlucht en een rit met metrolijn E, kwam ik aan in hartje Porto. Mijn verblijf: Lusitana Hotel, aan de rand can het centrum, met in de buurt galeries en kleine restaurants. Die eerste avond verkende ik de buurt rondom Rua do Rosário en at ik kabeljauw in Braga-stijl – eenvoudig, maar smaakvol.
Vrijdag: op de fiets door de stad
De dag begon actief met een fietstour via Baja Bikes, een aanrader voor een eerste kennismaking. In drie uur tijd kreeg ik een overzicht van Porto’s hoogtepunten: het imposante São Bento station, de kathedraal, de levendige Avenida dos Aliados en de iconische Dom Luís I-brug. Ook de Clérigos kerk en het beeldhouwwerk “Thirteen Laughing at Each Other” in Jardim da Cordoaria lieten indruk achter.




‘s Middags lunchte ik simpel maar goed met een bifana en salade, en slenterde ik door Ribeira, de sfeervolle wijk langs de Douro. In de vroege avond woonde ik de Spiritus-show bij in de Clérigos kerk: een moderne multimedia-ervaring in een historische setting. We sloten de dag af met een diner in Ribeira en keken naar de zonsondergang vanaf Jardim do Morro – magisch.



Zaterdag: kerken, kloosters en uitzichtpunten
Na een iets te hete pastéis de nata bij Manteigaria stak ik te voet de onderzijde van de Dom Luís I-brug over naar Vila Nova de Gaia. Terug in Porto bezocht ik de Igreja de São Francisco, die beroemd is om het vele bladgoud – al vond ik haar minder indrukwekkend dan verwacht. De Sé kathedraal daarentegen was prachtig, vooral door de schitterende blauwe tegels en het uitzicht over de stad.
Later die dag dwaalde ik door het Palácio de Cristal park en dronk een biertje bij een lokale cervejaria. Het diner – een verrassend goede pasta carbonara – vond plaats bij Grazie Mille, vlak bij mijn hotel.
Zondag: strand, kabelbaan en port
De ochtend begon met een tramrit langs de kust naar Foz do Douro, waar ik bij Tavi ontbeet en een wandeling langs het strand maakte. Terug in het centrum wandelde ik over de brug naar Gaia en nam daar de kabelbaan naar beneden, wat een prachtig uitzicht bood.



Het hoogtepunt van de dag was de rondleiding bij Caves Ferreira. In kelders vol houten vaten hoorde ik over Dona Antónia, de geschiedenis van het huis en de verschillende soorten port. De proeverij sloot perfect aan: witte port, ruby en een heerlijke tawny.
Diner? Een Thaische curry bij Boa-Bao – verrassend goed.
Maandag: boeken, paleizen en afscheid
Op maandag bezocht ik Livraria Lello, misschien wel de mooiste boekwinkel ter wereld (al lijkt het tegenwoordig meer op een selfiespot). Ik kocht er een klein boekje als souvenir. Daarna volgde het Palácio da Bolsa, waar vooral de Arabische zaal indruk maakte. De reis eindigde met een dure maar sfeervolle lunch in het Majestic Café, waarna ik terugkeerde naar het vliegveld.





Porto: klein van formaat, groots in karakter
Porto is compact, overzichtelijk en perfect voor een paar dagen weg. De combinatie van cultuur, architectuur, uitzichtpunten, strand en wijn maakt het tot een veelzijdige bestemming. De stad vraagt erom ontdekt te worden, langzaam, te voet, en met alle zintuigen open.

